fb in  mail077 32 69 400     

Schreurs Winters (SW) accountants en bedrijfsadviseurs is een samenwerkingsverband aangegaan met Sportclub Irene. De onderneming staat midden in het Limburgse bedrijfsleven en hun visie sluit prima aan om ook in Tegelen maatschappelijk betrokken te zijn.

Toekomstgericht ondernemen waarin tijdig wordt ingespeeld op trends en ontwikkelingen. Dat vraagt om professionele adviseurs en specialisten.

Dat is Schreurs Winters (SW) accountants en bedrijfsadviseurs. Een middelgroot regionaal accountants- en bedrijfsadvieskantoor voor het MKB. SW staat voor “Efficiënt Samenwerken”, met korte communicatielijnen en optimaal gebruik van automatisering.

Hans Schreurs: “SW stelt zijn kennis, ervaring en oplossend vermogen graag ter beschikking aan zijn klanten. SW denkt mee om invulling te geven aan de financiële- en fiscale aspecten van ondernemerschap. Dat vraagt om gedegen en actuele kennis van de wet- en regelgeving, inzicht in trends en marktontwikkelingen, en maatwerk levert waanneer noodzakelijk. Onze organisatie heeft een goede reputatie opgebouwd in het midden- en kleinbedrijf, agrarische sector, de zorg sector en vrije beroepen”. Verder info kunt u vinden op de website: www.swaccountants.nl

Jeppe Kleyngeld  18 sep 2018

Hoe raakt het Belastingplan 2019 ondernemers in hun portemonnee? Alle fiscale plannen op een rij.

Op dinsdag 18 september presenteerde het kabinet-Rutte 3 de de begroting voor 2019 en het daarbij behorende Belastingplan.

Tarief box 2 
Het tarief in box 2 wordt verhoogd. Deze maatregel geldt alleen voor mensen die een belang hebben van minimaal 5% in een vennootschap. Het belastingtarief op winst uit aandelen gaat van 25% naar 26,25% in 2020. In 2021 gaat het tarief naar 26,90%. Het kabinet compenseert met deze maatregel de lagere winstbelasting voor ondernemers (vennootschapsbelasting). Hij geldt voor belastingplichtigen met inkomsten uit aanmerkelijk belang. Daar is sprake van als iemand meer dan 5% van de aandelen van een vennootschap bezit. Aanmerkelijk belang wordt belast in box 2 van de inkomstenbelasting.

Verhoging lage btw-tarief voor ondernemers
Het kabinet wil het lage btw-tarief verhogen van 6% naar 9%. Deze verhoging geldt per 1 januari 2019. De verhoging raakt de prijzen van tal van goederen en diensten. Voor goederen gaat het onder meer om etenswaren, niet-alcoholische dranken, geneesmiddelen, boeken en kunstvoorwerpen. Wat betreft de dienstverlening vallen taxi’s, fiets- en schoenreparaties, kappers, optredens van artiesten, schilders en stukadoors onder het lage btw-tarief.

Voorbereiding voor ondernemers
Het is van belang dat ondernemers zich in 2018 al voorbereiden op de tariefsverhoging. Het nieuwe tarief heeft impact op:
- de administratie;
- de prijzen van goederen en diensten;
- de facturatie en btw-aangifte bij de jaarovergang.
Offertes die in 2018 worden gemaakt voor goederen of diensten die 2019 worden geleverd, moeten uitgaan van een btw-tarief van 9%.

Betalingen in 2018 tegen 6%-tarief
Het kabinet vindt dat ondernemers al genoeg administratieve lasten hebben. Vindt een prestatie in 2019 plaats, maar is de betaling in 2018 voldaan? Dan geldt hiervoor het 6%-tarief. Denk hierbij bijvoorbeeld aan concert- of seizoenkaarten die in 2018 worden betaald, terwijl de evenementen pas in 2019 plaatsvinden. Pas voor betalingen vanaf 1 januari 2019 geldt het 9%-tarief.

Tarief vennootschapsbelasting (vpb) omlaag
Vanaf 2019 gaat het tarief van de vennootschapsbelasting stapsgewijs omlaag. De eerste schijf wordt dan 19%, de tweede 24,30%. Vanaf 2020 dalen die tarieven naar 17,5% en 23,90%. In 2021 naar 16% en 22,25%.

Beperking afschrijving gebouwen in vpb
Ondernemers kunnen gebouwen in eigen gebruik alleen nog afschrijven als die in de boeken staan voor een bedrag hoger dan de WOZ-waarde. Voor bedrijven die gebouwen ter belegging hebben gold deze beperkte afschrijving al. De beperking van de afschrijving op gebouwen in eigen gebruik geldt niet voor belastingplichtigen in de inkomstenbelasting.

Verliesverrekening vpb van 9 naar 6 jaar
Bedrijven kunnen verliezen vanaf volgend jaar nog hooguit 6 jaar voorwaarts verrekenen met winsten. Bedrijven kunnen verliezen van voor 2019 nu nog 9 jaar compenseren in de vennootschapsbelasting. Verliezen uit 2020 kunnen nog maar tot en met uiterlijk 2026 worden verrekend. Verliezen uit 2021 tot en met 2027 enzovoort.

Dividendbelasting wordt afgeschaft
Het kabinet wil de dividendbelasting vanaf 2020 afschaffen. Dividendbelasting is een belasting die geheven wordt op de winstuitkering van een onderneming aan haar aandeelhouders (dividend). Nederlandse aandeelhouders kunnen deze belasting verrekenen met de inkomsten- of vennootschapsbelasting. Een gedeelte van de aandeelhouders in het buitenland kan dit niet. Zij zullen daarom eerder een voorkeur hebben voor een onderneming in een land zonder dividendbelasting, zoals het Verenigd Koninkrijk. Het kabinet wil voorkomen dat hoofdkantoren Nederland verlaten vanwege de dividendbelasting. Een groot deel van de dividendbelasting wordt opgebracht door aandeelhouders van een beperkt aantal multinationals. Als enkele van deze bedrijven daadwerkelijk Nederland verlaten, zou óók een flink deel van de huidige opbrengst van de dividendbelasting verdwijnen.

De Raad van State is kritisch over deze maatregel. Ook Hoogleraar fiscale economie en partner bij Deloitte, Peter Kavelaars, heeft zijn bedenkingen over het plan om de dividendbelasting af te schaffen: “Er is eigenlijk geen goed argument voor deze maatregel en het zou netjes zijn als Rutte naar de Raad van State zou luisteren”, zegt hij, maar vermoedt dat premier Rutte zijn wetsvoorstel toch gaat voorleggen aan het parlement.

Kleineondernemersregeling wijzigt
De kleineondernemersregeling (KOR) wordt per 1 januari 2020 gemoderniseerd. Het wetsvoorstel loopt mee in het traject van het pakket Belastingplan 2019. Kleine ondernemers met maximaal 20.000 euro omzet in Nederland kunnen vanaf 1 januari 2020 kiezen voor een vrijstelling van omzetbelasting. Dit betekent dat hij geen btw in rekening brengt aan zijn afnemers en dus ook geen btw meer mag vermelden op zijn facturen. Hij is daarnaast ook ontheven van het doen van btw-aangiften en bijbehorende administratieve verplichtingen. Daar staat tegenover dat deze ondernemer de btw die andere ondernemers aan hem in rekening brengen niet in aftrek kan brengen. De regeling geldt alleen voor de door hem in Nederland verrichte goederenleveringen en diensten.

Het kabinet wil hiermee de kleineondernemersregeling (KOR)  vereenvoudigen voor bedrijven en de Belastingdienst. De regeling gaat ook gelden voor bijvoorbeeld stichtingen, verenigingen en bv’s.

Afschaffing teruggave bpm taxivervoer
Taxibedrijven krijgen geen aanschafbelasting (bpm) meer terug bij de aanschaf van nieuwe wagens. Het kabinet wil bedrijven aansporen om milieuvriendelijkere straattaxi’s en taxibusjes voor bijvoorbeeld vervoer van gehandicapten of leerlingen te kopen. Voor auto’s die minder CO2 uitstoten, is de bpm lager. Voor auto’s die geen CO2 uitstoten hoeft geen aanschafbelasting te worden betaald.

’Kleine ondernemer heeft geluk met privacywet’

DEN HAAG - Vanaf vandaag zijn de nieuwe Europese privacyregels van kracht. De vraag is: wat gaat dat concreet betekenen? Volgens de voorzitter van de Autoriteit Persoonsgegevens (AP), Aleid Wolfsen, zal vooral de overheid zelf de komende tijd de aandacht krijgen.

„Het is niet uit te leggen aan een kleine ondernemer dat hij aan allerlei regels moet voldoen, terwijl de Algemene Rekenkamer constateert dat de naleving van de wet persoonsgegevens door instellingen als de Belastingdienst jarenlang gebrekkig is geweest”, zegt Wolfsen. „Daarom beginnen we bij de overheid.

Ⓒ ANP
In mei 2016 is er een nieuwe Europese verordening geïntroduceerd waarin privacyrechten zijn uitgebreid en bedrijven meer moeten verantwoorden over de omgang met persoonsgegevens. Er is een voorbereidingsperiode gegeven van twee jaar. Op 25 mei 2018 treedt de verordening - ook wel afgekort AVG - in werking in heel Europa. Op dat moment vervalt de huidige Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp). De AVG vraagt ook de nodige voorbereiding van u als MKB-bedrijf en de boetes bij overtredingen kunnen significant zijn. Heeft u al de vereiste voorbereidingen getroffen?

De nieuwe verplichtingen in de omgang met persoonsgegevens komen voort uit de steeds verdergaande digitalisering van de maatschappij. Bij de invoering van de Wet bescherming persoonsgegevens in 2000 waren begrippen als ‘cloud-computing’, ‘smartphones’ en ‘glasvezel’ nog geen gemeengoed. Door de technologische ontwikkeling is het delen en verspreiden van gegevens inmiddels veel eenvoudiger geworden. Het is voor individuen echter moeilijk om nog goed toe te zien op een zorgvuldige omgang met hun gegevens door bedrijven. Daar brengt de AVG verandering in.

Individuen krijgen meer rechten (bijvoorbeeld om vergeten te worden of gegevens mee te nemen) en u moet kunnen aantonen dat u voldoende maatregelen heeft genomen om de gegevens goed te beschermen. Ook als u een deel van uw gegevensverwerkingen heeft uitbesteed. Het gaat daarbij voornamelijk - maar niet uitsluitend - om geautomatiseerde verwerkingen.

Om te beginnen: welke gegevens mag ik verwerken?
Het is verstandig om allereerst goed te kijken naar de persoonsgegevens die u als bedrijf verzamelt en verwerkt. Alle gegevens die betrekking hebben op, of te herleiden zijn naar een natuurlijk persoon (direct- en indirect) vallen onder de noemer persoonsgegevens. U mag als bedrijf alleen persoonsgegevens verwerken als u een ‘grondslag’ heeft. Er zijn zes grondslagen: u verwerkt gegevens waarbij u expliciet toestemming heeft gevraagd én gekregen, of als uitvloeisel van een contract/overeenkomst, of omdat u wettelijk verplicht bent, of omdat er een algemeen-, vitaal- of een gerechtvaardigd belang is. U kunt dus niet zondermeer gegevens verwerken. Als u gegevens verzamelt nadat u hier expliciet toestemming voor heeft gekregen, is het goed om u te realiseren dat u deze toestemming naderhand moet kunnen aantonen. Zorgvuldige vastlegging is dus noodzakelijk.

Met de persoonsgegevens die u verwerkt dient u als een ‘goed huisvader’ om te gaan. Ze moeten bijvoorbeeld beschermd zijn tegen verlies of inbreuk, niet langer worden bewaard dan noodzakelijk en u dient niet méér gegevens te verzamelen dan nodig is om uw doel te bereiken.

Opletten bij gevoelige- en bijzondere persoonsgegevens
Persoonsgegevens dienen dus goed beschermd te zijn. Daarbij is de stelregel dat gegevens met een groter risico, met extra zorg en aandacht behandeld moeten worden. Hierbij wordt gekeken naar de impact die het heeft op het individu. Het onzorgvuldig omgaan met identiteitsgegevens of gegevens over iemands gezondheid kan bijvoorbeeld een grote impact hebben op de levenssfeer van betrokkene. Als er een inbreuk is waarbij gevoelige- of bijzondere persoonsgegevens zijn ontvreemd, dient u dit altijd te melden bij de Autoriteit Persoonsgegevens. Voorbeelden zijn gegevens over godsdienst of levensovertuiging, ras, politieke voorkeur, gezondheid, seksuele leven, lidmaatschap van een vakbond of strafrechtelijk verleden. U mag deze gegevens überhaupt alleen verwerken als u zich kunt beroepen op een van de tien wettelijke uitzonderingen. Verwerkt u deze gegevens als kernactiviteit en/of op grote schaal, of bent u een overheidsinstantie, dan kunt u daarnaast onder de AVG verplicht zijn om een Functionaris voor de gegevensbescherming aan te stellen en/of een Data protection impact assessment uit te voeren. Het gaat dan om verwerking met een hoog privacy risico. Als er twijfel bestaat over deze noodzaak dan dient u te kunnen onderbouwen waarom u daarvan in voorkomende gevallen heeft afgezien.

Een overzicht van persoonsgegevens die u verwerkt
Het uitzoeken of u gegevens mag verwerken en of u gegevens verwerkt met een hoog privacy risico is een opstapje naar de verantwoordingsplicht. De AVG schrijft namelijk voor dat elk bedrijf met meer dan 250 werknemers verplicht is om een register van verwerkingsactiviteiten op te stellen. Kleinere bedrijven moeten dit ook doen, maar alleen voor gegevens die op structurele basis verwerkt worden. Dit register is één van de verantwoordingsverplichtingen. Het overzicht brengt in beeld wat u verwerkt en hoe u dat vorm geeft. U legt er ook in vast of gegevens binnen of buiten de EU worden verwerkt. Verwerkt u gegevens buiten de EU? Het land waar u de gegevens mee uitwisselt dient dan een vergelijkbaar beschermingsniveau te hanteren anders bent u genoodzaakt om extra waarborgen te treffen.

Afspraken maken met partijen die u inschakelt
Als u op dit moment derde partijen inschakelt om een (deel van de) verwerking voor u uit te voeren dan bent u genoodzaakt om daar afspraken mee te maken. Hierin leggen u en de verwerker schriftelijk vast hoe er wordt omgegaan met privacy aspecten van de verwerkte gegevens. Dit wordt ook wel een verwerkingsovereenkomst genoemd. Het is essentieel om hierover te beschikken en in het belang van beide partijen. Onder verwerking wordt bijvoorbeeld ook verstaan: het bewaren, raadplegen, wijzigen, opvragen, vastleggen en combineren van gegevens. Ook met veel IT-leveranciers moet u dus in voorkomende gevallen een verwerkingsovereenkomst afsluiten.

Datalekken en bewustzijn
Het is van wezenlijk belang dat uw bedrijf goed op de hoogte is van de AVG. U kunt dan goed herkennen of er zich situaties voordoen die een risico vormen voor de bescherming van de persoonsgegevens. Of als er sprake is van een inbreuk (beter bekend als ‘datalek’). De AVG introduceert ook een uitbreiding op de bestaande Wet meldplicht datalekken: álle datalekken binnen uw bedrijf dient u in een register te documenteren als onderdeel van de verantwoordingsverplichting. Een gestolen laptop kan daar een voorbeeld van zijn. Niet voor niets geeft de Autoriteit Persoonsgegevens aan dat bewustzijn de eerste belangrijke stap is om weg naar de AVG. Wellicht kunt u één of twee collega’s de verantwoordelijkheid geven om binnen het bedrijf de nalevering van de AVG in de gaten te houden. De invoering van de AVG is daarbij ook een uitgelezen moment om uw informatiebeveiligingsniveau te evalueren.

Uw website en privacy
Naast de persoonsgegevens die u binnen uw bedrijf verwerkt is de kans groot dat u op uw website ook persoonsgegevens verwerkt. Bijvoorbeeld als u over een contactformulier beschikt of veel met zogenaamde cookies werkt. Ook op uw website moet u dan passende maatregelen nemen om de gegevens te bescherming en heldere informatie te verschaffen, bijvoorbeeld in de vorm van een privacy verklaring. Hierin maakt u kenbaar op welke wijze u omgaat met de gegevens en bij wie bezoekers terecht kunnen als er vragen zijn. Let bij uw website ook op standaardinstellingen. Deze dienen zodanig te zijn ingesteld, dat ze standaard de minste impact hebben op de privacy van de betrokkenen. De AVG duidt deze aspecten als Privacy by Design en Privacy by Default. Als u zelf betrokken bent bij het ontwerpen van informatiesystemen dient u dit eveneens na te streven.

Disclaimer Deze brochure beoogd geen volledigheid te geven van de AVG en de daaruit voortvloeiende verplichtingen, noch is de brochure bedoeld voor specifieke individuele situaties. De brochure is gebaseerd op de regelgeving zoals die op 1 januari 2018 bekend was. Deze nieuwsvoorziening is met grote zorg samengesteld. Voor eventuele onvolkomenheden kunnen wij geen aansprakelijkheid aanvaarden. Druk- en zetfouten voorbehouden
Door de voorgenomen veranderingen in de ondernemersbelastingen wordt een bv niet onaantrekkelijker, maar juist aantrekkelijker dan ooit.

Anders dan het Centraal Plan Bureau (CPB) voorspelt, zal een sterk groeiend aantal ondernemers overstappen op deze organisatievorm. Een toename van 20 procent is mogelijk.

Pim van Rijswijk directeur van de VRB Adviesgroep las met verbazing de analyse die het CPB vorige week naar buiten bracht. Kern daarvan is dat het planbureau verwacht dat kleinere fiscale veranderingen geen grote invloed zullen hebben op de keuze voor een rechtsvorm. In de meeste gevallen een keuze tussen eenmanszaak of bv dus.

Het CPB stelt dat drie jaar na de start van een bedrijf nog geen procent van de ondernemers voor een andere rechtsvorm kiest. Eens gekozen, blijft gekozen zou het devies zijn. Den Haag zit momenteel in zijn maag met de in het regeerakkoord overeengekomen verhoging van de belasting op aanmerkelijk belang. Die is 25 procent, maar moet naar 28,5 procent in 2021.

Daartegenover staat een verlaging van de vennootschapsbelasting in dezelfde periode van de 20 procent naar 16 procent. Die stap zal volgens fiscaal specialist Pim van Rijswijk meer ondernemers richting een bv bewegen. In zijn praktijk ziet hij al een groeiende belangstelling voor deze ondernemersvorm.

,,Het grote voordeel van een bv zit in het verschil tussen de winst die een ondernemer maakt en het inkomen dat hij nodig heeft. Heeft iemand een ton winst in een eenmanszaak en dit bedrag nodig aan inkomen, dan biedt de bv in fiscale zin geen voordeel omdat hij dan vanuit een bv al zijn winst zou verlonen”, legt de adviseur uit.

,,Maakt iemand in een eenmanszaak dezelfde winst en is echter maar 50.000 euro nodig om van te leven dan biedt een bv juist wel voordeel. Het verschil van 50.000 euro blijft als winst achter in de bv. Over dit bedrag moet winstbelasting worden betaald. Deze heffing gaat de aankomende jaren met 20 procent omlaag. De spaarzame directeur-grootaandeelhouder heeft daardoor een enorm voordeel afgezet tegen de huidige situatie en ten opzichte van de eenmanszaak.”

De VRB voorspelt een toename van de vraag naar bv’s tot wel twintig procent. De warme belangstelling heeft volgens Van Rijswijk niet alleen fiscale motieven. Bv’s zijn ook in trek vanwege de juridische voordelen zoals de bescherming tegen hoofdelijke aansprakelijkheid bij een bankroet.



Het einde van het jaar is in zicht. Dit is een goed moment om uw fiscale koers voor 2018 te bepalen.

Wellicht zijn er acties die u nu al moet ondernemen, of vragen bepaalde zaken juist om uitstel of zijn er veranderingen waarmee u rekening moet houden? Dit is veelal klantspecifiek en hiervoor kunt u altijd contact met ons opnemen.

Om u alvast inzicht te geven in de belangrijkste wijzigingen, heeft onze beroepsgroep Het Register Belastingadviseurs, deze wijzgingen opgenomen in een uitgave van Fiscale eindejaarstips. Deze eindejaarstips kunnen voor zowel uzelf als uw organisatie van belang zijn.

Bekijk hier de eindejaarstips
Bijna 79 procent van familiebedrijven is bereid om van dividend af te zien om innovatie te stimuleren. Bij niet-familiebedrijven is dat 60 procent. Zelfs verlies wordt op de koop toe genomen.

Dat concludeert professor Roberto Flören, hoogleraar familiebedrijven aan Nyenrode Business Universiteit, in een onderzoek dat hij uitvoerde in samenwerking met ING en NPM Capital. Volgens het onderzoek is ruim 65 procent van de familiebedrijven bereid een jaar verlies te nemen als dat innovatie bij het bedrijf stimuleert. Eigenaren van familiebedrijven steunen innovatiebeleid in hun onderneming meer dan de eigenaren van niet-familiebedrijven.

‘De uitkomsten ontkrachten de mythe dat familiebedrijven niet innovatief zouden zijn’, zegt Flören. De hoogleraar deed onderzoek onder vierhonderd bedrijven, zowel familie- als niet-familiebedrijven. Hiervoor werden onder meer de directeuren van de bedrijven geïnterviewd. Ruim 62 procent van alle familiebedrijven introduceerde in de laatste drie jaar een of meerdere nieuwe producten of diensten. Ook heeft bijna 72 procent de interne bedrijfsprocessen vernieuwd, aldus de onderzoekers.

Een bedreiging voor de innovatiekracht van familiebedrijven schuilt volgens Flören in het feit dat het bedrijf in hoge mate afhankelijk is van de luimen en voorkeuren van de oprichter. Ook het feit dat een groot deel van het familievermogen vastzit in het bedrijf speelt een rol. ‘Familiebedrijven hebben significant vaker onvoldoende financiële middelen om te innoveren’, beweert Flören. ‘Ruim 32 procent van deze bedrijven zou innovatiever zijn als ze meer financiële middelen ter beschikking zouden hebben.’

Voorsorteren

Bedrijfsopvolging is een belangrijk thema voor familiebedrijven en kan een bedreiging zijn voor het innovatieve vermogen, blijkt uit het onderzoek. Bij ruim 29 procent van alle familiebedrijven vreest de huidige directeur dat het innovatieve karakter van het bedrijf vermindert na zijn of haar vertrek. Dit percentage stijgt tot 38 voor de familiebedrijven waar de oprichter nog actief is. ‘Op deze reële dreiging moeten  familiebedrijven dus vroegtijdig voorsorteren, en dat wordt in toenemende mate ook gedaan,’ stelt Roberto Flören. ‘Een groot gedeelte van de familiebedrijven ziet de bedrijfsopvolging namelijk als een kans om het innovatieve vermogen van het bedrijf juist te vergroten. Bijna 52 procent van de huidige directeuren stelt dat het voor de continuïteit van het familiebedrijf van groot belang is dat de nieuwe directeur innovatiever is dan de huidige,’ besluit Flören. (Bron: Accountancyvanmorgen.nl)




Uw facturen bewaren

Alle facturen die u verstuurt of ontvangt, bewaart u in uw administratie. Dat is verplicht, want wij moeten uw administratie kunnen controleren. U bewaart de facturen in de vorm waarin u ze hebt verstuurd of ontvangen. Digitale facturen drukt u dus niet af, maar slaat u digitaal op. U bewaart de facturen 7 jaar. Facturen over onroerende zaken bewaart u 10 jaar.

Let op!

Bij de volgende diensten geldt een bewaartermijn van 10 jaar:

elektronische dienstentelecommunicatiedienstenradio- en televisieomroepdiensten

Wat deze diensten inhouden, leest u bij Digitale diensten.

Bewaarplicht van facturen en bonnetjes die zijn gescand

U mag facturen en bonnetjes ook scannen en digitaal bewaren. Er moet dan wel sprake zijn van een juiste en volledige weergave van het origineel. Belangrijk hierbij is dat de echtheidskenmerken ook worden opgeslagen. U kunt dit nalezen in de brochure Uw geautomatiseerde administratie en de fiscale bewaarplicht.

Als u aan de voorwaarden voldoet, hoeft u de originele facturen en bonnetjes niet te bewaren. Ook deze digitale administratie moet 7 of 10 jaar worden bewaard en binnen een redelijke termijn controleerbaar zijn.
Het ministerie van Financiën heeft het eindejaarsbericht ‘Belangrijkste wijzigingen belastingen 2017’ gepubliceerd.

Op 20 december 2016 heeft de Eerste Kamer ingestemd met het Belastingplan 2017. Dat betekent dat de belastingtarieven wijzigen per 1 januari 2017. In het eindejaarsbericht van het ministerie van Financiën staan de belangrijkste (cijfermatige) wijzigingen in de rijksbelastingen per 1 januari 2017.

Belangrijkste wijzigingen belastingen 2017

Bron: Accountantweek.nl

BRANCHENIEUWS

Navordering wegens kwade trouw

07-12-2018 – Navordering van belasting is mogelijk wanneer de Belastingdienst beschikt over een nieuw feit of ter zake van een feit … Lees verder...

Spoorstraat 2
5931 PT Tegelen

T 077 - 32 69 400
F 077 - 32 69 405

info@swaccountants.nl 
logo2


Efficiënt samenwerken

© 2017. Realisatie: Seogi